De voorbije dagen waren intens. Veel onrust in mijn lijf en een hoofd dat maar blijft malen.
Niet stil kunnen zitten, maar niet weten welke kant ik op moet?
Ik zit vast tussen wie ik was, wie ik dacht te moeten zijn en wie ik diep vanbinnen voel.
Er is die angst om mezelf te laten zien, om mijn ‘veilige’ masker af te zetten.
Wat als ik mensen verlies? Wat als mensen niet houden van wie ik ben?
Maar er is ook die andere stem.
Die zachte, maar krachtige stem die fluistert: “Laat jezelf zien. “Kies voor jezelf, ook als je bang bent. Zelfs als niet iedereen blijft.”
Ik voel een innerlijke nood die ik niet langer kan negeren.
Al weet ik niet precies wie ik ben. Weet ik niet zeker welke richting ik uit wil.
Maar één ding weet ik zeker: mezelf wegcijferen en leven vanuit de verwachting van anderen is geen optie meer.
Ik ben op weg, met bonkend hart en knikkende knieën. Met een rugzak die nog te zwaar voelt. Een rugzak vol hardnekkige overtuigingen, angsten, pijnlijke herinneringen en verdedigingsmechanismen die me ooit beschermden. Stap voor stap leer ik loslaten. Met de hulp van mijn psycholoog gooi ik beetje per beetje ballast overboord.
Soms weegt het verdriet en de pijn zwaar. Soms neemt de twijfel het over, zal het mij ooit lukken? Maar steeds vaker voel ik ruimte ontstaan en kan ik vrijer ademen. Voelt de rugzak op mijn schouders minder zwaar.
Ik leer aanvaarden dat loslaten, verandering veel tijd vraagt. Het hoeft niet ‘snel’ te gaan. Zoals Charline (mijn psycholoog) zegt ‘Neem onderweg de tijd om te genieten van het uitzicht. Wie te snel loopt, neemt het risico te vallen en zich te kwetsen’.
Diep vanbinnen weet ik; elke traan, elke twijfel, elke pijn die ik doorvoel brengt me dichter bij mezelf.
Ik ben op weg naar mezelf. Links of rechts, het maakt niet uit. Zolang ik maar trouw blijf aan mezelf.
En dat wordt ongetwijfeld de mooiste weg die er is.
